bouwjaar
bestemming

Vh. het malen van graan; thans buiten bedrijf. 

molenmaker
Pieter Oostdijk, Goes; 1724 Fa. Doornbosch, Adorp; 1972 Fa. Verbij, Hoogmade; 2009.
omwentelingen
molenaars
geschiedenis

De molen werd waarschijnlijk in 1724 gebouwd in opdracht van de ambachtsvrouwe van St. Philipsland ter vervanging van een standerdmolen.

In 1797 achtten de toenmalige ambachtsheren dat de molen moest worden verkocht. Op 5 mei 1797 werd pachter Willem Meijer de nieuwe eigenaar voor ƒ 4200,-- en met betaling van ƒ 36,-- per jaar erfpacht en windrecht. In 1899 werd de molen overgedragen aan W. en C.L. Meijer; vanaf 1907 was Willem Meijer alleen eigenaar. In 1929 werden de rechten op recognitiën - eigendom met recht van erfpacht - door de ambachtsvrouwe C.J.C. Weerts publiek verkocht aan E.D. v.d. Velde, notaris te Tholen.

In 1933 werd Christiaan Meijer de nieuwe eigenaar. Tot de watersnoodramp van 1953 had deze elders ook een mechanische maalderij; die werd toen verwoest, Vervolgens was Meijer voor het malen van graan weer geheel afhankelijk van de wind: dit duurde tot eind 1969. Twee jaar later verkocht hij zijn molen aan de gemeente Sint Philipsland. 

Het achtkant heeft twee bintlagen en twee kruisen per veld. Eén van de achtkantstijlen is ooit met een deel van een oude houten roede aangelast. De rechte onderkant van de romp is opgebouwd uit geel geschilderde verticale planken en staat op acht gemetselde teerlingen van 0,5 m hoog. Het hogere rompgedeelte is voorzien van gele horizontaal gepotdekselde planken met daarin vier kleine vensters. De hoeken van de achtkant zijn afgedekt met witte aluminium strippen en bij de insnoering met lood. De kap is bedekt met gepotdekselde planken.

In 1972 werd de houten bekleding van de romp deels vervangen en kreeg de molen een nieuwe roede. 
In 1980 vond opmerkelijk herstel plaats: nadat de dijk waar de molen staat op Deltahoogte was gebracht, was de molen als het ware 'in een gat' komen te staan. Aan die ongewenste situatie maakte men als volgt een einde: de molen werd in zijn geheel opgevijzeld, waarna de grond eronder werd  aangevuld, zodat de molen als vanouds de dijk kon domineren.

Aan het begin van de 21ste eeuw was de toestand minder goed: de kap werd slecht en ook het staartwerk was aan vervanging toe; er kon niet meer worden gekruid en draaien was dus alleen mogelijk als de wind toevallig uit de goede hoek kwam.
Met de verwijdering van de kap, 8 maart 2007, begon een grondige restauratie. In de werkplaats van molenmaker Verbij werd vervolgens vastgesteld dat die kap in veel slechtere staat was dan gedacht en vrijwel geheel vernieuwd moest worden. Nogal wat eerder herstel aan de kap was 'kunst- en vliegwerk' geweest: zo bleek de ijzeren windpeluw niet meer dan een fragment uit een oude Potroede. Deze tegenvaller leidde tot grote vertraging, omdat extra subsidie moest worden aangevraagd. 
Op 26 mei 2009, ruim twee jaar naar de onttakeling, kon de geheel vernieuwde kap worden teruggeplaatst en op 29 januari 2010 werd de molen officieel in gebruik genomen. 

In april 2026 droeg Jan Reijngoudt, na 46 jaar trouwe dienst, het molenaarschap over aan Eliza Ottema. 

Een technisch detail
Opmerkelijk is de verbetering, hier lang geleden bedacht door molenmaker Willem de Groote uit Kloetinge: de ongeveer 12 meter lange kruiketting ligt hier naar twee kanten uit en wel dusdanig dat het mogelijk is, 120 graden te kruien zonder die ketting uit te hoeven lopen.